Download This List


Download List For Windows Download List For Macintosh OS X Download list file for manual import

What is a Byki List?
Download Free Byki Express
Collapse
Embed This List

Link


To display this list on your Web page or blog, simply place this code in the HTML.





Expand
Email This List 

Collapse
More Dutch Lists 

More Dutch Lists


Expand
List Central FAQs 

Dutch Lesson: All Dutch 101 Words

Description:   Dutch 102 Uwaterloo

Created by: chandadeepti
Dutch Lesson RatingDutch Lesson RatingDutch Lesson RatingDutch Lesson RatingDutch Lesson Rating
Average Rating:


Close

Byki List Tags

   What is a tag? 

dutch kim


Expand
View All Comments 

Collapse
List Items 
Card # Dutch English Image
1
IJspret
ice fun
2
Iets
something
3
aanbieden
to offer
4
aflopen
to finish
5
afspraak
appointment
6
al
already
7
alles
everything
8
alsjeblieft
please
9
alstublieft
pleasef
10
alweer
again
11
ander
another
12
anderhalf
one and a half
13
bedanken
to thank
14
beginnen
to begin
15
bellen
to phone
16
bestellen
to order
17
bezorgen
to deliver
18
bij
near
19
bijna
almost
20
bijvoorbeeld
for example
21
binnenkomen
to enter
22
bruin
brown
23
daar
there
24
dan
than
25
dank u wel
thank you
26
danken
to thank
27
dat klopt
that's correct t
28
de Vegetariƫr
vegetarian
29
de aardappel
potato
30
de achternaam
last name
31
de appel
apple
32
de autorijles
driving lesson
33
de avond
evening
34
de bakker
baker
35
de banaan
banana
36
de beurt
turn
37
de boodschappen
groceries
38
de boterham
sandwich
39
de bus
bus
40
de champignon
mushroom
41
de collega
colleague
42
de cursus
course
43
de dag
day
44
de datum
date
45
de dorst
thirst
46
de douche
shower
47
de eiren
eggs
48
de familie
family
49
de geboortedatum
birth date
50
de geboorteplaats
birth place
51
de gehakt
ground beef
52
de gram
gram
53
de groente
vegetables
54
de groeten
greetings
55
de handtekening
signature
56
de huisarts
family doctor
57
de jam
jam
58
de kaas
cheese
59
de keer
time
60
de kiezen
kilo
61
de kip
chicken
62
de klant
customer
63
de koffie
coffee
64
de kop
cup
65
de krant
newspaper
66
de les
lesson
67
de lestijden
class schedule
68
de lunch
lunch
69
de maand
month
70
de maarkt
marketplace
71
de mama
mom
72
de man
man
73
de melk
milk
74
de meneer
mister
75
de mevrouw
woman
76
de minuut
minute
77
de mobiele telefoon
cell phone
78
de naam
name
79
de nederlands e
dutch person mf
80
de ochtend
morning
81
de patat
french fries
82
de pinda
peanut
83
de plaats
place
84
de postcode
postal code
85
de prijs
price
86
de rijst
rice
87
de salami
salami
88
de school
school
89
de slager
meat specialty-store
90
de sperzieboon
french bean
91
de straat
street
92
de student
student
93
de studentenflat
student apartment
94
de supermarkt
supermarket
95
de tas
bag, purse
96
de thee
tea
97
de tijd
time
98
de tomaat
tomato
99
de vader
father
100
de vakantie
vacation
101
de verjaardag
birthday
102
de verkoper
salesman
103
de vis
fish
104
de vleeswaren
meat products
105
de voornaam
first name
106
de vriend
friend (male)
107
de vriendin
friend (female)
108
de vriendin
female friend
109
de vrouw
woman
110
de week
week
111
de wijn
wine
112
de winkel
store
113
de zoon
son
114
de zus
sister
115
denken
to think
116
dochter
daughter
117
doen
to do
118
drinken
to drink
119
duren
to last
120
dus
so
121
duur
expensive
122
en
and
123
eten
to eat
124
eten
to eat
125
feliciteren
to congratulate
126
fijn
nice
127
gaan
to go
128
geboren
to be born
129
geen
none
130
gek
crazy, strange
131
gelijk
immediately or right
132
gesneden
sliced
133
geven
to give
134
gezellig
cozy, fun
135
goed
good
136
goedkoop
cheap
137
graag
please
138
groet
greeting
139
halen
to get
140
half
half
141
hartelijk
hearty
142
hartig
savoury
143
hebben
to have
144
heerlijk
delicious
145
het adres
address
146
het avondeten
supper
147
het biertje
a beer
148
het brood
bread
149
het centrum
centre
150
het ei
egg
151
het eten
food
152
het feest
party
153
het formulier
form
154
het fris
juice
155
het fruit
fruit
156
het geslacht
gender
157
het glas
glass
158
het glassje
little glass
159
het huis
house
160
het huisnummer
house number
161
het jaar
year
162
het kind
child
163
het koekje
cookie
164
het kwartier
quarter of an hour
165
het land
country
166
het nummer
number
167
het ons
ounce
168
het ontbijt
breakfast
169
het pond
pound
170
het programma
program
171
het restaurant
restaurant
172
het semester
semester
173
het station
station
174
het telefoonboek
telephone book
175
het telefoonnummer
telephone number
176
het uur
hour
177
het vlees
meat
178
het water
water
179
het ziekenhuis
hospital
180
heten
to be called
181
hier
here
182
hoe
how
183
hoeveel
how many
184
houden van
to love
185
in
in
186
invullen
fill in
187
ja
yes
188
jarig
having a birthday
189
jong
young
190
kennen
to know
191
kijken
to look
192
klaar
ready
193
klein
little
194
kloppen
that's correct
195
komen
to come
196
kopen
to buy
197
kosten
to cost
198
kunnen
can
199
kwart
quarter
200
laat
late
201
lang
long
202
lekker
delicious
203
leren
to learn, to teach
204
leuk
nice
205
liever
rather
206
lusten
to like
207
maart
march
208
maken
to make
209
meedoen
to partake
210
meestal
most of the time
211
met
with
212
mogen
to be allowed
213
mooi
beautiful
214
morgenmiddag
tomorrow afternoon
215
naar
to
216
nationaliteit
nationality
217
nee
no
218
nemen
to take
219
net
just
220
niet
not
221
niets
nothing
222
nieuw
new
223
nooit
never
224
nu
now
225
of
or
226
onder
below
227
ook
also
228
op
on
229
opschieten
to hurry up
230
oud
old
231
over
over
232
pas
just
233
per
per
234
persoonlijk
personal
235
praten over
to talk about
236
precies
precisely
237
proost
cheers
238
rijden
to drive
239
rooster
schedule
240
seconde
second
241
snel
fast
242
snijden
to cut
243
soort en
type s
244
sorry
sorry
245
sporten
to play sports
246
staan
stand
247
studeren
to study
248
te
too
249
thuis
at home
250
toch
yet
251
tot
until
252
tussen
between
253
uit
out
254
vaak
often
255
vanavond
tonight
256
vandaag
today
257
vandaan
from
258
vanmiddag
this afternoon
259
veel
many
260
vertellen
to tell
261
vieren
to celebrate
262
vinden
to find
263
volgen
to follow
264
volgend
next
265
voor
before
266
voorstellen
to introduce
267
vrij
free
268
waar
where
269
waarom
why
270
wachten
to wait
271
wakker
awake
272
wanneer
when
273
warm
warm
274
wat
what
275
weggaan
to go away
276
welk
which
277
welkom
welcome
278
werken
to work
279
wie
who
280
wonen
to live
281
worden
to become
282
zetten
to place
283
zijn
to be
284
zin hebben in
feel like eating
285
zitten
to sit
286
zo
so
287
zoet
sweet
288
zout
salt y

Transparent Language
©2014 Transparent Language. All Rights Reserved. www.byki.com
For Government Clients For Government Clients